Alle blogposts van hardlopers op Looptijden.nl

Hieronder staan de laatste weblog posts van gebruikers van Looptijden.nl over hardlopen en gerelateerde onderwerpen.

*7Heuvelenloop Nijmegen

Gepost door Ben Engel op maandag 19 november 2018 17:07

VOORBEREIDING 7HEUVELENLOOP

Gisteren 18 november was het dan zover de dag van de 7Heuvelenloop mijn 3de keer. En zoals altijd eerst de ochtend rustig ontbijten en alles klaar leggen voor vertrek. Deze keer ben ik alleen naar de 7Heuvelen gereden want de vorige keren reed mijn vrouw en zette ze mij af bij de P+R Ressen. En ze haalde mij na afloop ook weer op maar dan op een vast afgesproken punt op het Keizer Karelplein wat wil zeggen heel snel instappen en doorrijden naar de afslag naar Arnhem die er op korte afstand ervan zit.

VERTREK P+R ESSEN

Ik vertrekt het liefst vroeg van huis om genoeg tijd te hebben en er dus op tijd aanwezig ben. Mijn start was om 13:55 uur en omdat ik alleen reed deze keer om 11:30uur de auto in en naar de P+R Ressen gereden. Daar aangekomen de auto geparkeerd en naar de bussen gelopen en in de rij gaan staan bij alle andere lopers. En dat ging vrij soepeltjes, maar moest vanwege de overvolle bus wel staan, maar er zijn ergere dingen.

AANKOMST KEIZER KARELPLEIN

Eenmaal aangekomen op het Keizer Karelplein met de bus uitgestapt en met de meute meegelopen en opzoek gegaan naar mijn startvak (Roze dit jaar) en na wat rond kijken en zoeken gevraagd aan een suppoost waar ik heen moest zag ik zelf de aanwijzing borden met de pijlen. Door de zon kon ik niet goed de kleur onderscheiden maar stond wel goed. Ik heb maar iemand aangesproken of hij voor mij de kleur wilde bevestigen(toch beetje kleurenblind) en vervolgens naar mijn startvak gewandeld. Ik was dus mooi op tijd en aangezien het best fris was en veel wind een plekje opgezocht in het zonnetje die er gelukkig was. En onderwijl even een kletspraatje met 2 heren en andere omstaanders gemaakt. Het ging vooral over de snelle tijd van Joshua Cheptegei dat werd steeds omgeroepen en hij heeft een mooi record (41:05) gelopen. Daar werd even over gerept dat wij er wel iets langer over doen. Om 13.45 heb ik maar mijn plekje voor de start opgezocht en ben zo dicht mogelijk vooraan vlak bij de hekken gaan staan.

DE START

Precies om 13:55 mochten wij vertrekken en aangekomen bij de start en over de tijdregistratie matten gelopen mijn Fenix 3 HR geactiveerd. Ook deze keer weer rustig gestart in een tempo van 6:23min/km tot het 9km punt. Op dit punt kon ik versnellen en ging het tempo omhoog naar 5:53min/km en wisselde wel maar volgehouden tot aan de finish. Elke keer als de heuvel was bedongen loopt het ook weer naar beneden. Ik ben niet als een idioot naar beneden gaan lopen want je moet ook weer omhoog de heuvels op en dan kan de klap hard aankomen als je weer stevig moet klimmen. Ik heb op ongeveer het 6,5 km punt een Born Enercy Gel genomen en dat werkt goed kan ik zeggen. Het is ook de 2de keer dat ik deze gebruikt heb tijdens een evenement en blijf dit in de toekomst ook maar gebruiken. Het is prettig vast te kunnen stellen dat het klimmen best goed ging koste minder moeite dit keer. En het voelde de hele run al goed geen last van vermoeidheid of mentale inzinking. Op het laatste stukje toen de finish in het zicht kwam en heb nog even een lichte spurt gegeven. Over de finish gekomen heb ik ook mijn run opgeslagen (nadat ik over de matten was gelopen) op mijn Garmin Fenix 3 HR. Ik ben dik tevreden over mijn behaalde resultaat. Kijk ik terug naar de vorige 2 keer is het mooi om vast te kunnen stellen dat er nog steeds progressie is. Het zijn geen grootse stappen, maar voor mij prima. Deze 7H loop bijna de zelfde tijd gelopen als bij de Posbankloop dus geen PR dit keer. Maar zoals ik dan zeg dat is niet het belangrijkste want genieten daar is ook veel voor te zeggen.

ONTMOETING

Ook deze keer vooraf met deze en gene afgesproken om elkaar te ontmoeten en live te zien en spreken. Dat dit lastig is blijkt maar weer want ook deze keer niet mijn twitter loopmaatje(s) mogen ontmoeten. Het is gewoon te druk en lastig in de massa lopers die er zijn. Wel heb ik het genoegen gehad na de run op weg naar het station Peter de Haan te mogen treffen. Hij stond op een mooi centraal punt waar ik hem tegemoet liep. Ik had hem nog niet zo gauw gezien, want ik was ook een beetje te druk met het zoeken naar de bussen voor de terugreis naar de P+R Ressen. Maar het is gelukt en was leuk elkaar een keer te ontmoeten en hebben het even gehad over de 7H loop Race en ook tijd die wij hebben gelopen. Ik was nog niet exact op de hoogte van mijn gelopen netto tijd, maar Peter wist mij dit wel te vertellen dat is dan leuk deze info te krijgen. Het is een korte ontmoeting want je vervolgd allebei de weg naar huis Peter met de trein naar Gouda een ik met de bus van Breng lijn 300 naar de P+R Ressen en vandaar naar Deventer. Maar ik denk dat wij elkaar vast elders bij een mooie loop weer gaan ontmoeten.

NAAR HUIS EN NAGENIETEN

De terugreis ging voorspoedig eenmaal in de bus van Breng had ik een zitplaats die mij werd aangeboden door een mede loopster die alleen zat en plek over had om te kunnen zitten. Even met haar en andere lopers gezellig gekletst over deze dag. Dan wordt er gevraagd waar je naar toe moet en blijkt dat ze uit Zutphen komt en is bijna buurtjes. Want Deventer Zutphen ligt hemelsbreed niet zover uit elkaar.

Thuis gekomen ben ik eerst onder de douche gegaan een dit keer een flink warme want had best koud gekregen en vooral door het wachten op de bus van Breng lijn 300 (had vertraging opgelopen) voor de terugreis naar de P+R Ressen. En vervolgens hebben wij het ons gemakkelijk gemaakt want even Chinees gehaald en heerlijk gegeten en natuurlijk hoort er een een drankje bij. Mijn vrouw een lekkere Sherry en ik een wel verdient Bockbiertje van Hertog Jan😀😀. Afsluitend kan ik zeggen het was een top dag wat de 7Heuvelenloop betreft.

MIJN BEHAALDE RESULTAAT

Het een mooie eindtijd geworden van 1:32:47 netto en ben tevreden. En Yep 2019 ben ik er ook weer bij. Voor nu zeg ik DONE😉

Foto's bij deze blogpost

IMG_0169.jpg IMG_0180.jpg IMG_0183.jpg IMG_0184.jpg

Zevenheuvelenloop 2018

Gepost door Erik Rommers op maandag 19 november 2018 12:54

Ik had al een hoop positieve verhalen gehoord over de Zevenheuvelenloop en gisteren was het zover : mijn eerste deelname aan de 7-Heuvelen.

Samen met 9 andere loopmaatjes van Loopgroep Prinsenbeek vertrek met de trein om 9:46 vanaf Station Breda-Prinsenbeek. Onderweg gezellig kletsend is het allerminst saai in de trein. Onderweg sluiten er tijdens de diverse stops meer en meer hardlopers aan. Aangekomen in Nijmegen worden we al opgewacht door de NS groep (Reis je fit) dus het eerste fotomomentje is een feit.

We hebben besloten om te verzamelen bij (Ik Loop Hard locatie) Cafe van Buren waar we onze tassen achter kunnen laten, om kunnen kleden en nog genoeg tijd hebben voor een bakje koffie.

Dan is het tijd om richting het startvak te gaan, vergezeld door een heerlijk zonnetje. Dat zonnetje is meer dan welkom aangezien het toch best wel fris is door de koude wind.

Ik heb zelf besloten om te lopen in een korte broek en voor de zekerheid een shirt met lange mouwen onder mijn hardloopshirt. Het word me al snel duidelijk dat dit echt een hardloopevenement is wat de nodige bekendheid geniet en waar heel veel mensen op af komen. Erg mooi om te zien.

We starten in verschillende startvakken. Ik sta zelf met Thomas, Sarissa,Ilona en Johan in startvak geel en we wensen elkaar succes wanneer we om 13:00 uur mogen vertrekken.

Het valt me op dat je gelijk na de startstreep ruimte genoeg hebt om goed te kunnen lopen. Een ruime/brede weg dus dat is erg prettig. Samen met Sarissa en Thomas hadden we vooraf al min of meer besloten om met zijn 3-en bij elkaar te blijven afhankelijk van hoe het zal gaan en dat we de nadruk leggen op het genieten en een (snelle) tijd niet het hoofddoel zal zijn.

Ik merk dat de heuvels toch meer impact hebben dan ik vooraf vermoedde en terwijl ik doorgaans het laatste stuk kan versnellen gaat er al snel iets door mijn hoofd dat het volgen van mijn metgezellen nog een hele klus zal worden deze dag. Dit wordt duidelijk wanneer ik rond kilometer 8 en 9 tijdens het klimmen last krijg van mijn hamstrings en Sarissa en Thomas niet meer kan volgen.

Het is nog ruim 7 kilometer en ik besluit even gas terug te nemen want forceren is op dit moment niet verstandig met het gevaar dat ik niet kan uitlopen. Bij de eerstvolgende drinkpost besluit ik al drinkend kort even te wandelen, dit is achteraf gezien een zeer verstandig besluit. Ik merk dat mijn benen weer iets beter aan gaan voelen en ik pak mijn oude ritme beetje bij beetje weer op. Kilometer 11 zit er op en het gaat nu grotendeels naar beneden. Het vertrouwen groeit weer wat en de laatste kilometers kan ik zelfs nog wat versnellen. Wat mij onderweg opvalt is dat gehele route onderweg mensen langs de kant staan om je aan te moedigen, geweldig is dat zeg !!

Uiteindelijk toch best tevreden met een eindtijd van 1:21:41 loop ik samen met Chris, Ilona Thomas en Sarissa terug naar Cafe van Buren waar we onder het genot van een lekker biertje de race-ervaringen uitwisselen wachtend op de rest van onze groep.

Hoewel nog steeds erg gezellig besluiten we om de trein van 17.17 terug te nemen naar Prinsenbeek We kunnen weer terug kijken op een geslaagd dagje hardlopen. Volgend jaar weer is de algehele conclusie van de personen die er gisteren bij waren.

Foto's bij deze blogpost

20181118_172418.jpg IMG-20181118-WA0001.jpg IMG-20181118-WA0006.jpg

Loslaten?

Gepost door Arranraja op zondag 18 november 2018 17:28

Lees ook mijn tweede bijdrage als gastblogger op RunningPlus.nl:

https://www.runningplus.nl/wordpress/2018/11/15/loslaten/

Allereerste run

Gepost door Alex Otten op zaterdag 17 november 2018 21:19

Nadat ik in mei ben begonnen met hardlopen mijn eerste run gelopen. Deze run was wel,speciaal omdat ik in al die jaren dat de run is gehouden elk jaar als vrijwilliger ( voorfietser dan wel verkeersregelaar) aan het werk ben geweest. Dit x dus niet als vrijwilliger maar als loper. In de drie x dat ik de afstand heb gelopen in de trainingen altijd rond de 30 minuten. Best trots op deze tijd die ik gelopen heb. Inmiddels loop ik de vijf ronde 26 a 27 minuten. Een volgende vijf km run wil ik dus onder de 26 lopen.

Statistieken van deze tijd

Afstand
5.000 m
Tijd
00:28:05
Snelheid
10,68 km/u
Calorieën
364 kcal

Over Partnerschap, Pacers en Paardenstaarten

Gepost door Peter de Haan op zaterdag 17 november 2018 20:50

Wellicht herinneren de verstokte en hondstrouwe volgers van mijn hardloopavonturen het zich nog. Vlak voor Kerst 2014, daags na het afraffelen in 22:22 van de 3-Plassenloop in Zoetermeer (5km), meldde ik op mijn blog het volgende:

‘Ik zal er niet omheen draaien: sinds een aantal weken heeft bij mij (en bij haar ook natuurlijk) de liefde genadig en overweldigend toegeslagen. Zo’n liefde die niet alleen dol enthousiasme en opwinding teweeg brengt, maar ook één die (nu al!) zóveel rust, bekrachtiging, vertrouwen, warmte en toekomst geeft. Ja, zo eentje dus. Niet alléén roze wolken maar ook structuur en zingeving. Ik kan er nú al hele blogs over volschrijven, maar misschien is Looptijden.nl daar niet helemaal het geschikte platform voor.’

Op 11 november 2014 kwam Elfriede op een verder grauwe ochtend mijn leven binnengewandeld. Tot dat moment leefde ik mijn leven al een tijd lang alleen, als tevreden vrijgezel die totaal niet op zoek was naar wat dan ook. Vanaf die Elfde-van-de-Elfde veranderde Elfriede mijn leven echter compleet. Dit vanzelfsprekend in buitengewoon positieve zin, dat zal U duidelijk zijn. Binnen een jaar woonden wij samen, en afgelopen voorjaar bevestigden wij onze juichende liefde tijdens een feestelijke registratie van ons partnerschap. Compleet met partnerschapsregistratiejurk, -boeket en -taart. En met uiteraard de nodige partnerschapsregistratiegasten (3 maal woordwaarde) om met ons dit heuglijke feit te vieren. Onze kinderen (Elfriede's zoon en mijn twee dochters) waren op die dag onze getuigen, en wij zagen dat het goed was.

Op zondag 11 november was het dus alweer 4 jaar geleden dat wij elkaar ontmoetten. En hoewel het destijds een drietal weekjes duurde alvorens wij ‘wat kregen’, houden wij toch de Elfde-van-de-Elfde aan als onze Romantische Feestdag. Maar ondanks al onze zinderende vreugde en ongebreidelde hartstocht besloten wij op ‘onze vierde verjaardag’ gewoon om elk ons eigen weg te gaan. Elfriede ging opnieuw naar haar schrijfcursus, en ik toog naar het iconische Olympisch Stadion in Amsterdam om daar de gelijknamige loop over 10 kilometer te verhapstukken (bron: Arranraja).

De Olympisch Stadionloop maakt deel uit van het Rondje Mokumcircuit, evenals onder andere de Middenmeerloop die ik een tweetal weken ervoor succesvol met loop- en blogvriend Arranraja voltooide. Start en finish zijn in het roemruchte stadion, op de atletiekbaan waar ik in 2016 Dafne Schippers en haar drie trawantes Europees Kampioen zag worden op de 4x100 meter estafette. In één woord geweldig was dat! Ik had tickets voor de eerste èn de laatste EK-dag geritseld, en samen met mijn lief genoot ik gedurende die twee dagen van superbe atletiek, met daarbij ook de nodige Nederlandse successen.

Ook is het Olympisch Stadion jaarlijks het toneel van de finish van de Marathon van Amsterdam, waarbij ik de halve afstand al vier maal tot een goed einde bracht. Zie hiervoor mijn lyrische verhalen over de edities van 2016 en 2017. De aankomst in het volle stadion is iets dat mij elke keer weer kippenvel opleverde. Overigens niet zo onlogisch als je De Haan heet. En oh ja, eerder dit jaar werd het WK Allround schaatsen hier verreden, bij de mannen gewonnen door onze landgenoot Patrick Roest – herinnert U zich deze naam nog?

Tenslotte, en hiermee zal ik de Feyenoord- en PSV-fans onder mijn blogcollega’s wel weer tegen de haren instrijken, vierde de beste club van Nederland er vele grote successen. Een betere club dan deze is er niet, zong Melvin terecht. Als ik een voorbeeld mag noemen (en dat mag ik): dankzij één treffer van Johan Neeskens en twee van Johnny Rep versloeg Ajax het Argentijnse Independiente op 28 september 1972 met 3-0 en eiste het daarmee de wereldbeker voor zich op. Maar ik kan nog veel meer wervelende Ajax-successen in het Olympisch Stadion noemen, edoch ik zal dit in verband met de gemoedstoestand van sommige niet met name te noemen collegabloggers nalaten. Misschien een volgende keer dan maar in het kader van de ellendespreiding. Bereid je maar vast voor, Jaco en Arranraja!

Om half tien des ochtends vertrok ik met stille trom uit ons stulpje richting het meest pythagoreske station van Nederland: het architectonische hoogstandje dat al sinds jaar en dag ons onvolprezen Gouda ontsiert. Wát een lelijkheid op de vierkante meter. Maar enfin, ook dit onderwerp moet ik zo zoetjes aan maar eens leren loslaten. Op weg naar het station was het weer even flink slalommen langs de zwaar gereformeerde kerkgangers die – zo hebben zij vanaf de kansel te horen gekregen – geen enkele ruimte moeten bieden aan ongelovigen en/of sportievelingen op de Dag des Heeren. Zeker als deze verdwaalden slechts partnerschapsgeregistreerd zijn in plaats van dat zij hun relatie als huwelijk voor het aangezicht van God hebben laten inzegenen. Nee, geen duimbreed geeft men toe op de trottoirs richting het station. Hun Rechte Pad is immers het enige Pad dat bewandeld moet worden. Amen.

Als vanouds kon ik weer lustig mediteren en muziek luisteren tijdens de reis naar de hoofdstad. Voor de liefhebbers: ditmaal streelden de klanken van Dhafer Youssef – Sounds of Mirrors mijn oorschelpen en gehoorgangen. En dat onder het genot van een loodzware cappuccino die ik nog even snel in de Kiosk had gescoord. Vanaf Gouda bracht een stoptreintje mij naar Bijlmer ArenA (BTW mooi stadion staat daar!) en daarna sleepte een Intercity mij naar Amsterdam-Zuid. Een zeer bekende plek voor mij: in de Roaring Eighties werkte ik een drietal jaren vlakbij dat station, bij de organisatie die nu KPMG heet. Bovendien woonden mijn zus en zwager ooit vlak in de buurt van mijn kantoor. Ik besloot tot een fraaie nostalgische wandeling langs mijn oude werkadres via de Parnassusweg, het Olympiaplein en de Stadionweg richting de roemruchte thuishaven van de Olympische Spelen van 1928. Het was koud, bewolkt en er stond een gevoelige wind, voilá de meteorologische uitgangspunten voor deze loop waarvan het tracé deels beschut en deels onbeschut zou zijn.

In het van nostalgie druipende monumentale Olympisch Stadion was het een drukte van belang. Vlak voordat ik onder de toegangspoort van het stadion door schreed zag ik dat de 5km-lopers net waren gestart. Zij begaven zich en masse het stadion uit voor hun beproeving op de korte afstand. Boven de fraaie poort stond de bekende Olympische spreuk ‘Citius Altius Fortius’ – Sneller Hoger Sterker. Dit wenste ik deze 5km-atleten van harte toe. In het stadion gekomen liep ik over de atletiekbaan, en vervolgens over de grasmat. Allemaal gewijde grond, zoals ik zojuist probeerde duidelijk te maken. Ik keek naar de lege tribunes maar ik fantaseerde dat ik door een uitzinning publiek werd verwelkomd en toegejuicht bij mijn spectaculaire entree in dit heldenbolwerk. Vervuld van mezelf en mijn denkbeeldige Legioen stapte ik de enorme tent binnen die voor de Eretribune was neergezet.

Binnen was de drukte nog veel groter. Er stond een aanzienlijke rij voor de startnummers, en ondanks wat pogingen tot valsspelen mijnerzijds moest ik uiteindelijk achteraan plaatsnemen. Gelukkig was het leed snel geleden en kon ik het welbekende montagewerk aanvangen. Ik had gelukkig alle tijd van de wereld: het zou nog drie kwartier duren vooraleer het startschot voor de 10km-loop zou worden gelost. Al monterend en omkledend dacht ik na over het strijdplan. Ik zou niet alles gaan geven in verband met de op handen zijnde Zevenheuvelenloop op 18 november. Stiekem hoopte ik op een tijd rond de 55 minuten, en om dit doel te bereiken had ik besloten mij over te geven aan de grillen van een tweetal hazen die mij door deze verschrikking zouden heenslepen. Terwijl ik mijn strijdplan verder aan het concretiseren was ontwaarde ik opeens een bekend gezicht van twee weken geleden in Middenmeer. Het was Gilbert, broer van een oud-collega van Arranraja. Gilbert had – zo vertelde hij mij – op één na alle lopen van het Rondje Mokum-circuit verhapstukt, en daarom kon hij opgaan voor het binnenslepen van het fraaie herinneringsshirt. Uiteraard feliciteerde ik hem al bij voorbaat met dit eclatante succes. Na nog een zenuwenplasje in de catacomben van het majestueze stadion besloot ik een stuk te gaan inlopen op de baan waarop al die atletieksuccessen werden behaald. Ook daar trof ik Gilbert weer, die zich nog consciëntieuzer en geconcentreerder dan ik aan het voorbereiden was.

Zo zoetjesaan werd het tijd om de pacers voor 55 minuten op te zoeken. Zij waren gelukkig snel gevonden door de heliumballonnetjes die zij met zich meedroegen. Er was al een klein groepje ontstaan rondom deze gelegenheidshazen – en daar sloot ik mij gewillig bij aan. Op de vraag hoe zij hun race zouden opbouwen gaven ze als antwoord dat ze volkomen vlak zouden gaan lopen. Nom-de-Dieu! Liever had ik gehad dat ze iets langzamer zouden beginnen om vervolgens de tweede helft sneller te voltooien dan de eerste. Dat had beter bij mij en mijn huidige vorm gepast. Jammer maar helaas. Ik besloot toch maar bij deze groep te blijven. We zouden wel zien waar het scheepje zou stranden, of dit nu in het Nieuwe Meer, de Bosbaan of de Stadiongracht zou plaatsgrijpen. Of helemaal niet, dat kon ook nog.

Zoals door mij gevreesd pinden de hazen het tempo direct na het startschot vast op 5:30 de kilometer. Meestal moet ik even op gang komen, maar nu was daar geen gelegenheid voor. Om het stadion heen snelde het peloton richting de A10 en het spoor richting het Amsterdamse Bos. Op het Nieuwe Meer – zo zag ik – was een groot aantal zeilboten betrokken in een enerverende regatta. Omdat de weg nog redelijk breed was, kon ik de hazen goed volgen. Ik liep in het kielzog van twee dames die gehuld waren in paardenstaart. Zoals U weet heb ik wat dat aangaat mijn voorkeuren. Bovendien: zij sprongen steeds behendig in het spoor van de pacers die vanaf het begin al veel slowstarters aan het passeren waren. En daar kon ik dan mooi weer op inspringen, zij het een stuk minder behendig. Dat laatste werd wèl steeds lastiger naarmate we verder doordrongen in de wouden tussen het Nieuwe Meer en de Bosbaan. De paden werden allengs smaller, er lag overal gebladerte waardoor je het verschil tussen pad en zijbermen niet meer kon waarnemen. En omdat het een behoorlijk drukke loop was snelden de hazen continu door de bermen heen langs de langzamere lopers, gevolgd door mijn twee paardenstaarten en ikzelf die dus voortdurend moesten bijtrekken om bij te blijven. Hier was mijn hart-/longsysteem vandaag niet op ingeprogrammeerd, zo bleek al snel.

Bij de drankpost op 5 kilometer nam ik even de tijd om goed te drinken, waarbij het bij mij vooral zaak is om me niet te verslikken. Daarna volgde weer een klopjacht op het gehaasde groepje, dat ik vlak voor het 6km-punt kon inrekenen. We liepen inmiddels langs de Bosbaan, ook alweer zo’n sporttempel, maar dan anders. De inhaalexercitie had wel de nodige energie gekost, zo merkte ik. Op de Garmin-grafieken bleek achteraf dat mijn hartslag gedurende deze kilometers behoorlijk hoog was geweest. Na ongeveer 6.5 kilometer liet ik het groepje lopen en koos ik doelbewust een lager tempo. Ik moest mijzelf tenslotte niet voorbij rennen met het oog op de Zeven Heuvelen. Twee kilometers lang liep ik een tempo dat iets boven de 6 minuten per kilometer lag. Dat zou ongetwijfeld een positieve split opleveren, maar dat moest dan maar.

Na ongeveer 8 kilometer kwam dan de ommekeer. Ik was weer wat bij zinnen gekomen, mijn hartslag deed het ook weer wat beter, en ik nestelde mij voorlopig maar even veilig in het kielzog van een hardloopstel waarvan het vrouwelijke exemplaar ook al over een fraaie paardenstaart beschikte. In hun slipstream kreeg ik mijn motor weer een beetje aan de praat. En in de laatste kilometer, met het stadion alweer in zicht, vloog ik het koppel onder dankzegging voorbij en besloot ik nog even flink door te versnellen. Nog even wilde ik testen hoe het zat met mijn versnel- en sprintvermogen. We liepen nu weer om het stadion heen, en de verlossende eindstreep lag op ons te wachten.

Na het passeren van de fraaie toegangspoort krijg je opeens een kleine zee van ruimte. Bij de Halve van Amsterdam voelt dat ook altijd zo. Ik monsterde mijn Garmin en zag dat ik nog 20 seconden verwijderd was van de 56-minutenkaap. Hierop besloot ik tot een woeste en allesbeslissende eindsprint, Strak langs de binnenrand van de atletiekbaan snelde ik richting de finishmatten waar ik mijn uurwerkje stilzette op 55:57 netto. Uiteraard was dat wat teleurstellend, vanwege het voornemen om 55 minuten te lopen, maar ach we moeten daar ook niet al te veel over zeuren. Ik was tevreden over mijn laatste kilometer, een wederopstanding na het verval vlak daarvoor. Bovendien werd mijn ijver beloond met een prachtige medaille, voorzien van de Olympische Ringen, die mij vervuld van bewondering door een jeugdige vrijwilligster om mijn ranke hals werd gedrapeerd.

Het voelde uiteraard meteen koud na het finishen, maar toch bleef ik nog even langs de kant staan om enthousiast de nodige lopers over de streep te supporteren. Dat moet je iemand die over de tartan van het Olympisch Stadion snelt niet ontzeggen vind ik. Na een vijftal minuten vond ik het welletjes en wandelde ik terug naar de grote tent waar het beschut en enkele graadjes warmer was. Onderweg begroette ik Gilbert met een High-Five. De goede man had een eindtijd onder de 54 minuten neergezet en was daar zo te horen wel tevreden over. Hij maande mij om vooral 16 december mee te doen met de Bosloop in datzelfde Amsterdamse Bos, en ik verzekerde hem dat ik dat een gedachte zou geven.

In de grote tent werden de gemoederen al snel verhit na mijn binnenkomst. Koud had ik mijn tas teruggescoord bij de afgifte en was ik op een zorgvuldig uitgezochte vrije plek met het omkleden begonnen, of daar streek een groepje vrouwelijke deelnemers naast mij neer. Sommigen van hen waren ook weer voorzien van zo’n mooie paardenstaart. Ongegeneerd ontkleedden zij zich onder mijn aanvankelijk toeziend oog, zij het tussen de wimperharen door natuurlijk. Maar toen ook alle sportbehaatjes uitgingen om plaats te maken voor (ongetwijfeld) véél comfortabeler zittende exemplaren, werd het mij allemaal iets te veel. Even zag ik door al het hout de deuren niet meer. En ingedachtig het Oordeel van mijn zwaar Christelijke Stadsgenoten, èn mijn partnerschapsgeregistreerde status, besloot ik vertwijfeld mijn ogen ten hemel te slaan. Heel devoot, alsof ik veronderstelde dat dat soelaas zou bieden en dat al mijn zonden vergeven zouden worden. BTW voor de geïnteresseerden is een gedetailleerde en adequate beschrijving van de nok van de tent op verzoek te verkrijgen. Van de weeromstuit ging ik zelf ook maar topless, puur functioneel, om mijn doorweekte wedstrijdshirt te vervangen door een droog exemplaar. Het had evenwel niet als gevolg dat al die vrouwen ook opeens naar boven gingen kijken. Zo gelovig waren ze blijkbaar ook niet.

Na nog een afscheidplasje in de krochten van het stadion wandelde ik tevreden maar voldaan over de grasmat en de atletiekbaan het stadion uit richting tram 24 naar Amsterdam CS. En van daaruit boemelde ik heerlijk rustig en ijverig mediterend weer naar mijn woonplaats, naar mijn stulpje, naar mijn lief. Want we hadden natuurlijk nog een feestje te vieren. Niet alleen omdat zij mij steeds beter kan vertellen hoe je moet schrijven, maar ook omdat ik al vier prachtige jaren intens gelukkig met haar ben. Na een uitgebreide douchepartij mijnerzijds togen wij hand-in-hand naar Restaurant Buiten Eten & Drinken op de Oosthaven in Gouda. Ik kan U dit etablissement van harte aanbevelen voor wanneer U ooit eens in onze prachtige Kaas- en Stroopwafelstad verzeild mocht raken. Het bleef daar die avond nog lang onrustig zoals het gezegde luidt.

Morgen (ik schrijf dit op de zaterdag na het Olympisch Stadionfestijn) ga ik in Nijmegen proberen de voor mij vijfde Zevenheuvelenloop op rij tot een goed einde te brengen. Het wordt volgens Weeronline droog, zonnig, 6 graden met een flinke wind vanuit het oosten met windkracht 4. Dit levert een gevoelstemperatuur van hooguit 2 graden op. Hopelijk doe ik de goede kledingkeuze, hopelijk loop ik een acceptabele tijd, hopelijk vergeet ik niet te genieten, en hopelijk zijn collegablogger Ben Engel en ik in de gelegenheid om elkaar voor het eerst te ontmoeten en de hand te schudden. Ik kijk er naar uit!

Een stille (om)loop (3 reacties)

Gepost door Arranraja op dinsdag 13 november 2018 19:48

Ook te lezen (uiteraard verguld met plaatjes) op https://arranraja.wordpress.com/

'De "Stille Omgang" is een door katholieken uitgevoerde, devotionele nabootsing in stilte en zonder uiterlijk vertoon van de middeleeuwse processie ter herdenking van het Amsterdamse hostiewonder uit 1345. Deze stille tocht wordt elk jaar in de nacht van zaterdag op zondag na de 15e maart gelopen in de oude binnenstad van Amsterdam' (Wikipedia). Nu is er, bij mijn weten, weinig katholieks aan de in ieder geval bij mijn lezers overbekende loop in het Twiske en lijkt deze ook niet echt op een processie. Maar het Twiske heeft voor mij zo langzamerhand wel de betekenis van een openluchtheiligdom gekregen. Bovendien wilde ik een beetje pakkende titel verzinnen en vond deze wel toepasselijk. Vandaar de bovenstaande, geciteerde uiteenzetting. Het waarom van de titel blijkt, als ik het allemaal goed uit de doeken heb gedaan, later, beste lezer. Ik beschouw mijzelf echt als een devoot en toegewijd TML-deelnemer, zoveel mag onderhand wel duidelijk zijn.

Een maand eerder moest ik, nauwelijks opgekrabbeld van een weekje zwakte, ziekte en misselijkheid, mijn toevlucht nemen tot de voor mij kortst denkbare afstand (de 5 km). Daar waar ik eerder de 10 Engelse mijlen in mijn hoofd had. Voor de aflevering van begin november, het onderwerp dit verhaal, had ik (indachtig mijn credo: november, halve marathonmaand) eigenlijk de 21,1 km geprogrammeerd. Dat leek mij uiteindelijk vanwege het gebrek aan recente, lange duurlopen, toch een beetje te kort door de bocht. Daarom viel ik terug op plan B: nu de 16,1 km en begin december de halve. Bijna vergat ik op zaterdagavond nog om voor de 16,1 km van de volgende dag in te schrijven. Gelukkig had ik toch bijtijds een helder moment en deed ik dat alsnog.

Op zondagochtend was ik wéér eens een keer wat later van huis dan mijn bedoeling was. Maar toch niet zó gek laat en ik was dan ook zeer verbaasd om bij het betreden van het AC Waterlandterrein te zien dat er een flinke, dubbele rij stond voor het uitgifteloket voor de seizoenskaarthouders. Om achter aan te sluiten in een van die files, moest ik zelfs op het gazon plaatsnemen. Dat is mij in al die vorige 24 keren niet eerder overkomen, voor zover ik kan nagaan. Een drukte van belang, derhalve, ook verder op en rond de gravelbaan. De mannenkleedkamer was eveneens, zoals altijd eigenlijk, behoorlijk gevuld en ik kon mijn tas niet op zijn vaste en vertrouwde plekje achterlaten. Toen ik mij echter een paar minuten vóór de starttijd naar de plaats op de baan begaf waar de halve-marathonners al waren weggeschoten en wij 10 EM-ers spoedig zouden volgen, ontmoette ik slechts een handjevol gelijkgestemden. Er was om die reden zowaar ruimte om flink vooraan te gaan staan, dicht bij de mat. Dat deed ik maar gewoon, ook al wist ik dat ik spoedig door het merendeel van de deelnemers overlopen zou worden. Want mijn intentie was om met een bescheiden tempo van slechts net even boven de 10 per uur te vertrekken.

Het zal geen verbazing wekken dat mijn snelheid van meet af aan toch een stukje hoger lag, want ik ging vrolijk achter de voorlopers aan. Dat gaat steevast als vanzelf, nietwaar? En hoewel ik manmoedige pogingen deed om de teugels wat te laten vieren, ging de eerste kilometer in 5:33 minuten bij 10,82 km/uur. Omdat het eigenlijk best soepel liep, besloot ik nadien te pogen om de ongeveer 10,5 per uur van dat iets latere moment, zo lang mogelijk uit te zingen. Dit volgens het beproefde concept 'we zien wel waar het schip strandt', ook te verwoorden als 'storten we in, dan storten we in'. Omdat de 68 deelnemers aan de halve marathon reeds 5 minuten eerder vertrokken waren en de 50 liefhebbers voor de 10 EM zich door de verschillende snelheden rap over het parcours verspreidden, was het heel snel rustig tot stil om mij heen. De 217 renners die de 10 km hadden gekozen, zouden pas 300 tellen na ons beginnen met lopen. Na amper 2000 meters vermoedde ik echter ineens een fietser achter mij. 'Dat kan toch niet de voorfietser van de 10 km zijn?', ging er door mijn hoofd. En: 'zou wel heel erg vroeg zijn', want doorgaans komen die snelle mensen pas ergens tussen de derde en vierde kilometer bij mij langsvliegen. Het was toch echt waar! Zo langzaam ging ik toch niet? En de uiteindelijke winnaar bleef met zijn tijd ruim 6 minuten boven het parcoursrecord en was dus vergelijkenderwijs niet superrap! Hoe is dat dan mogelijk? Ik moet het antwoord op die vraag helaas schuldig blijven.

Nog op het stuk Luyendijkje dat leidt naar de Polder, na ongeveer één kilometer, kwam er een vrouwelijke renner langs mij heen. Zij liep vervolgens langzaam maar zeker van mij weg. Ik zag haar nog ongeveer tot 7,5 km steeds een eind verder vóór mij rennen. Daarna verdween ze definitief uit beeld. Na bijna drie kilometer ging ik zelf voorbij een veterane (leeftijdscategorie V65) die bezig was aan haar halve marathon. Dit zag ik aan de groene plakker op haar startnummer. Zij bewoog zich naar mijn idee erg langzaam voort. Later zag ik in de uitslagenlijst dat zij bijna 3 uur over had gedaan over haar omloop door het Twiske. Op de een of andere manier heb ik nog meer respect voor 'langzame' renners als deze vrouw dan voor degenen die de halve binnen pakweg anderhalf uur afraffelen. Ik nam de tijd om in het langsgaan mijn vriendinnen de Schotse hooglanders te tellen. Het waren er acht, waaronder twee vrij jeugdige exemplaren en een met een brede, witte baan op de zijde als ware het een Lakenvelder koe. Ook keek ik, beter en langer dan de vorige 24 keren dat ik er passeerde, naar het intrigerende (vraag mij niet waarom!) houtperceeltje met ingebouwd stukje grasland dat direct na de runderwei ter linkerzijde volgde.

Oordelend naar de snelheid waarmee ze langskwamen, liepen er op het pad langs de Stootersplas wat plukjes 10 km-lopers voorbij. Maar erg veel waren het er beslist niet. Dit was ondanks de in totaal 573 deelnemers een stille editie. Kijkend over dat water vroeg ik mij af of deze plas nu groter of kleiner zou zijn dan de Spiegel- en Blijkerpolderplas bij Nederhorst den Berg. De menselijke geest zoekt toch altijd zaken om zich mee bezig te houden, ook tijdens lichamelijke inspanning. Op een houten paal een eindje van de kant zat een aalscholver met gespreide vleugels. Ongetwijfeld om die vlerken te laten drogen, wellicht na een duik naar voedsel. Even vóór de drinkpost, bij de splitsing waar de wegen van de 21- en 16 km de ene kant en die van de 10 km de andere kant op, uiteen gingen, zag ik renners lopen op de plek waar ik even later zelf zou passeren. Het was voor het eerst dat ik daar bewust lopers waarnam. Hadden ze hier bosschages gekapt? Zo zie je toch telkens weer iets nieuws en verveelt het daarom nooit in het Twiske. Die eerste waarneming geldt ook voor het bord met 'dagcamping' dat ik wat verderop zag. Was mij ook nog nooit eerder opgevallen!

Even eerder had ik een koppel van twee renners een stuk achter mij waargenomen. Zij leken mij te naderen. Ik vroeg mij af hoe lang ik uit hun greep zou kunnen blijven. Ongeveer even ver vóór mij liep de eerder genoemde dame. Ik had het rijk hier dus min of meer alleen en passeerde in alle stilte verderop slechts wat wandelaars met aangelijnde honden. Het is altijd even alert zijn of zo'n viervoeter niet plots het pad oversteekt en daarmee met zijn of haar lijn jou laat struikelen. Doorgaans gaat dat goed, zo ook hier. Een tweetal wielrijders kwam mij tegemoet. Omdat er na twee veeroosters een haakse bocht in het parcours zat, kon ik naar links kijkend enkele van mijn voorlopers zien. Op een man met felgeel shirt leek ik terrein te winnen, misschien kon ik hem in een later stadium oprapen. Er kwamen twee sportief geklede vrouwen mijn kant op wandelen. Later in de race zou ik die nog twee keer passeren. Ik dwong mijzelf om links en rechts het landschap in mij op te nemen. Zo zag ik bijvoorbeeld aan de noordkant in de verte de torenflats van Purmerend. Zeker bij een wat hogere snelheid heeft de renner namelijk de neiging zich daarop te concentreren en zich af te sluiten van de omgeving. Ik liep namelijk nog altijd zo'n 10,5 per uur of iets rapper.

Er kwam weer een (dit keer zigzag-)draai naar links aan en aangezien we nu in het minst hoog begroeide stuk van het Twiske actief waren, was er uitzicht op een lang, recht pad van circa anderhalve kilometer lengte. Ik zag daar redelijk wat lotgenoten ploeteren en vatte de hoop op het een en ander aan inrekenwerk te kunnen gaan doen. De man in het geel kwam steeds dichterbij en een stukje verder zag ik een renner die een wat vreemde gang had en daarbij dan weer wandelde, dan weer zich hollend voortbewoog. Rechts op het ruiterpad reden wat vrouwen op hun viervoeters in tegengestelde richting langs. En een enkele fietser, waaronder een man op een soort heel grote driewieler met voorop een oudere, minder-valide vrouw, kwam voorbij. Midden op dat lange stuk leken de mede-deelnemers die ik even eerder had ontwaard, als in rook opgelost. Alleen een met een been trekkende, wandelende deelnemer liet zich door mij voorbijsteken. Ik stak mijn duim naar hem op, hij zal wel geblesseerd zijn geraakt. Na ruim 9 km bereikten we op de meest westelijke punt van het parcours pas weer een beboomd gedeelte. Aan de andere kant van een lage struikenrij stond een peuter helemaal in zijn uppie. Er zouden toch wel bijbehorende volwassenen nabij zijn? De man in het geel had ik pas te grazen toen wij op bijna 10 km waren. Van twee wandelende vrouwen die ik net daarvoor voorbij ging, keek er een vooral op haar telefoon. 'Doe dat vooral maar lekker', dacht ik. Want behalve al het groen, de rust en die paar renners, valt hier toch helemaal niets te beleven!

De loper met de vreemde gang had één been dat in de lange renbroek veel dikker leek dan het andere. Ik kon door die tight niet goed zien of het om een ingepakt been ging, maar daar leek het wel op. Pas bij de drankpost halverwege de elfde kilometer kon ik hem passeren omdat hij daar halt hield. De volgende renner kreeg ik er gratis bij omdat hij daar de bosjes opzocht voor een blaasleging. Een drietal duikers met nog natte pakken stond bij hun voertuigen op de parkeerplaats aan de zuidwestzijde van de Stootersplas. De plas waren we dus al voor driekwart gerond. Bij het iets verderop gelegen horecapaviljoen 'Twiske', waarachter een jachthaventje bleek te liggen, hing helaas een duidelijke snackbargeur. Die odeur kon zelfs mijn vrij gebrekkig functionerende neus helaas niet missen. En er zaten zowaar een paar lieden buiten op het terras, hoewel de temperatuur daarvoor mij niet echt geschikt leek. Het is trouwens goed als je op dit deel met de route bekend bent, anders ren je, zo heel alleen zonder renners om achteraan te gaan, makkelijk een verkeerde kant op. Ook hier liep ik dus moederziel alleen maar ik wist gelukkig waarheen mijn schreden te richten. Tussen de elfde en twaalfde kilometer was ik toch even iets uit het lood geslagen. Dit pad was toch altijd helemaal door bomen omzoomd? De mannen met de motorzagen hadden hier blijkbaar flink toegeslagen.

Met 12 km achter de kiezen, kwam ik terug bij de weide met de Caledonische dames. Hier kwamen mij meerdere renners tegemoet die er op een haar na 16 van de 21 km hadden opzitten. Ik weet niet hoe hun benen aanvoelden, maar ik kreeg het allengs zwaarder. Terugkijkend zie ik dat vanaf de helft van de race het verval al bij mij inzette. Niet zo vreemd dat nummertje 9 ineens in 10,2/uur ging op dat lange, open stuk tegen de wind in. Maar daarna had ik blijkbaar alleen door de krokettenlucht tijdens de elfde kilometer nog een kleine opleving met 10,4/uur. Zodra ik de hooglanders ten tweeden male zag, zakte ik in naar 10,1 en 10 per uur. Op een splitsing was het ineens onaangenaam druk. Daar stapte een vader met twee jonge jongens en een kleine hond aan een lijn van links naar rechts het pad over om precies stil te gaan staan in de korte bocht naar rechts die ik weldra wilde nemen. Met honden en kleine kinderen weet je het nooit, dus automatisch klapte ik als waarschuwing hard in mijn handen toen ik vlak langs ze op volle snelheid de curve rondde.

Enkele honderden meters later, kwamen de halve-lopers van rechts en zat mijn eenzame avontuur erop. Maar het waren wel allemaal snellere mannen die aan mij voorbij trokken, dus ze lieten mij steeds achter. Ik verlangde intussen behoorlijk naar de stal en ik vroeg mij af of het wel zinvol zou zijn om bij de volgende gelegenheid, vier weken later, ook nog die 5000 meter extra erbij te pakken. Na een bocht keek ik weer eens achterom en zag dat het tweetal waarover ik eerder schreef, redelijk op mij was ingelopen. Met nog twee kilometers te gaan zag ik tot mijn verbazing en blijdschap een vrij jonge renster op mij afkomen. Deze eerste vrouw die ik bewust waarnam en die mij juist op een stukje met tegengestelde richtingen tegemoet kwam, bleek later op de finish maar net haar concurrente te zijn voorgebleven. En daarmee derhalve de winnares van de halve marathon. Twee bochten later keek ik nogmaals om en zag ik de dubbele achtervolging nu heel dichtbij komen. Meters later werd ik door hen overlopen. Waar ik meende twee mannen waargenomen te hebben, bleek de ene een vrouw met kort haar te zijn. De twee veteranen gingen mij vlot voorbij en aanhaken was onmogelijk.

Op de splitsing waar voor de routes gewijzigd werden, de deelnemers aan de langste afstand nog eens rechtsaf mochten gaan om een ultieme ronde van een kleine 7 km door het zuidwestelijke deel van het Twiske te maken, was ik echt blij en verheugd linksaf naar baan en meet te kunnen. Op het Luyendijkje tussen de twee plassen, ging ik nog even goed rechts lopen en deed ik mijn pet af om vol in beeld te komen bij de dienstdoende fotografe. Deze actie had een voor mij bevredigend resultaat tot gevolg. Die laatste volle (dus 16e) 'ronde' hield ik de tijd krap onder de 6 minuten met 5:57. Ik kwam solo de atletiekbaan op en zette meteen zo goed als mijn benen dat nog konden aan. Volgens mij wil geen enkele renner op de ultieme meters voor de meet nog overlopen worden. Toen ik in de laatste bocht achterom keek, wist ik dat de kans daarop nihil was, want er was geen andere actieve deelnemer achter mij te bekennen. Ik was weer even Remi. Mijn chrono naderde de 1:33 uur, maar verder versnellen naar 11,15/uur deed mij niet onder die tijd binnenkomen. 1:34:22 was nochtans een prima resultaat en een stukje beter dan waar ik op had ingezet.

In de mannenkleedkamer was het nu prettig rustig, maar het aanwezige volk had genoeg te vertellen. De mannen met gps-instrumentarium wisten allen zeker dat ze te veel meters gemaakt hadden. Ook mijn Garmin gaf een surplus van een dikke 250 meter aan. Ik had de neiging om van alles te roepen over het door de atletiekunie gecertificeerde parcours en Geen Precies Systeem, maar ik deed er het zwijgen maar toe. Een veteraan wist te vertellen dat hij nu 40 minuten langer over de halve had gedaan dan zijn persoonlijk record. 'Maar dat was dan ook van 33 jaar geleden', voegde hij er snel aan toe.

Terugkijkend kan ik constateren dat deze 16,1 km toch best soepel en vlot gingen. Ik kon een acceptabel tempo aanhouden en stortte, ondanks de geringe terugloop in snelheid, duidelijk niet in. Om die reden blijf ik er voorlopig bij om begin december in te schrijven voor de halve marathon. Dat kan ik doen tot 23:00 uur de avond van te voren. Als weersomstandigheden, lichamelijke hoedanigheid en/of geestelijke toestand op dat moment niet geschikt blijken te zijn voor hét grote avontuur, kan ik altijd nog terugzakken naar een geringer aantal kilometers. En dat zelfs nog tot circa een half uur voor aanvang. Voorlopig heb ik echter geen plannen in die richting, want die vijfde halve marathon blijft lonken. De vierde was tenslotte alweer anderhalf jaar geleden! Ik moet er alleen voor zorgen dat ik wat vroeger op de plaats des heils (bron: Peter de Haan) aanwezig ben dan deze keer.

Soppend maar gegasn

Gepost door Astrid op dinsdag 13 november 2018 11:15

Vanmorgen me enthousiast in kleding gehesen want ik vond t wel weer tijd worre
Sta ik klaar in vol.ornaat begint t keihard te regenen
Opgeven zou nu t makkelijkste zijn maar assie gaat nie altijd graag voor t makkelijke dus ik dacht ik ga gewoon
En t ging nog best lekker ook want t klein blokkie om huis werd toch nog 2 km en voor de meeste hier is da niks maar ik ben trots dt ik t toch maar weer deed en da ook nog aan 1 stuk door
Op t 4x strikken van schoenen na Wink smiley

Foto's bij deze blogpost

20181113_100037.jpg

bijna 60 dagen onderweg

Gepost door Robert Leussenkamp op vrijdag 9 november 2018 08:49

nu al 59 dagen bezig met mijn challenge, loopt eigenlijk vrij soepel. Kom natuurlijk nu wel aan heel wat kilometersTheeth smiley, wat natuurlijk weer goed is voor de training van de halve marathon welke ik volgend jaar ga lopen. Hoop dat er nog "leuke gekke" hardlopers met challenge meedoen.....ik hoor het graag en ik zal jullie de komende weken weer bijpraten.

groetjes Rob

Run with fun

Gepost door Corrina Wassenaar op maandag 5 november 2018 21:29

Run with Fun

Vanavond tijdens ons rondje rennen kwamen we spontaan op het volgende idee,
Dit is een oproepje wie rent er gezellig met ons mee.

Wie zijn wij, wij zijn Corrina en Monique 2 leuke 50 plus vrouwen,
die van hardlopen houden

Iedere maandag lopen we samen een rondje van minimaal 5kilometer,
en dat gaat iedere week steeds beter

Natuurlijk is het samen leuk om te doen,
en het is genieten van het Capelse Groen.

Misschien lees je dit en zeg je heel spontaan,
Kan ik gezellig met jullie meegaan

Nou dat kan en gezellig zelfs, de maandavond is running evening,
we starten bij Station Schollevaar om 18:00 met onze training.

Onder het moto run with fun en vrijheid blijheid,
zeggen we kom er gerust bij sportieve meid.

We zijn geen fanatieke strevers voor pr en wedstrijden,
maar gewoon gezellige sportieve meiden

Een wedstrijd op zijn tijd is leuk om met elkaar hee te gaan,
en als het klikt is het leuk af iets te gaan drinken of uit eten te gaan

Dus heb je zin en ren je graag met ons mee,
stuur ons dan een pb.

Tot maandagvond Groetjes Monique en Corrina

Gehaasd en verdwaasd door zijn eigen Dorp (3 reacties)

Gepost door Peter de Haan op zondag 4 november 2018 04:00

Nondeju wat kan er binnen twee weken toch veel veranderen. Op 14 oktober nog beleefde schrijver dezes een bloedjehete Halve Marathon van Eindhoven waarbij de temperaturen tot zo’n 27 graden waren opgezwiept. Samen met duizenden anderen ploegde, buffelde en zweette ik vele kilometers door de noordelijke helft van de Lichtstad. Een paar dagen had mijn vege lijf nodig om te recupereren van deze monsterinspanning. En toen ik dat eindelijk voor elkaar had trad dan die langverwachte herfst in, waarbij de temperaturen zienderogen zakten. Twee weken verder dus, op zondag 28 oktober, ging de Middenmeerloop in Amsterdam worden afgewerkt onder een gevoelstemperatuur van maar liefst vier (zegge: 4) graden Celsius. Binnen 14 dagen werd een temperatuursverschil van maar liefst 23 graden overbrugd. Van bloedjeheet tot ijsjekoud dus. Dat dit teveel is voor een mensenlichaam werd vandaag maar eens te meer aangetoond.

De Middenmeerloop is een loop zowat door de achtertuin van mijn loop- en blogvriend Arranraja. Al sinds jaar en dag verhapstukt deze verstokte Diemenaar-van-Haarlemse-origine dit jaarlijks trimfestijn, en vandaag ging ik hem hierbij voor de eerste maal vergezellen. Voor mij zou dit evenement het immers gapende gat tussen Eindhoven en Zevenheuvelen (18 november) gaan opvullen. Plaats van handeling: de atletiekbaan van Antilopen Vereniging ‘ 23 gelegen in de buitengewoon groene Watergraafsmeer.

Graag wil ik even stil staan bij het markante alias van mijn kompaan. Op zijn eigen blogsite, die ik U van harte aanbeveel, doet hij uitvoerig uit de doeken waar één en ander voor staat. Maar persoonlijk heb ik heel andere associaties met de geuzennaam die hij zichzelf heeft toegeëigend:

  • Niet de vijfde Beatle maar de vijfde Musketier: Arranraja die samen met Aramis, Athos, Porthos en d’Artagnan onder het motto ‘Eén voor allen, allen voor één’ de snode plannen van kardinaal Richelieu dwarsboomt in de roman van Alexandre Dumas
  • De Spaanse edelman Don Arranraja die uitgestrekte sinaasappelboomgaarden bezit en die zijn lijfeigenen met blote handen de Zumo de Naranja uit de oranje vruchten laat persen. Uit stilstand, zou Storm uit Debiteuren Crediteuren zeggen
  • Een Indiase heerser (raja of radja) over het Schotse eiland Arran. Een beetje out of place natuurlijk, maar ach voor een goede slok malt whisky en een flinke portie haggis reist men grif de halve wereld over

Hmmm toch een beetje een rauw type dus. Een niets en niemand ontziende persoon die er alles aan doet om zijn gelijk of gewin te krijgen. Dit typeert bij uitstek mijn hardloopmakker. Door weer en wind snelt Arranraja tenminste twee maal weeks door de uitgestrekte gebieden in het oostelijk gedeelte van de Amsterdamse banlieue. Daarbij door granieten muren gaand om over de door hem hoog gelegde latten te geraken. Met deze hardloopmusketier zou ik voor de tweede maal dit jaar de degens gaan kruisen. Immers: in de vroege zomer hadden wij al gezamelijk de Vechtloop in en om Weesp bevochten.

De voorgaande dinsdagavond en vrijdagochtend had ik mijn lijf en leden nog flink afgebeuld bij de Goudse Runnerstrainingen. Vooral vrijdag op de baan ging het er zeer stevig aan toe, waarbij mijn snelheidsmeter af en toe de 18km/h aantikte. Dat ik dit op mijn oude dag nog kan: het is mij een compleet raadsel. Mijn trainers zagen het allemaal tevreden aan: ze zien dat ik telkens kleine stapjes vooruit maak na mijn megadip van afgelopen winter en voorjaar.

Maar vandaag werd het tijd om te zien of alle noeste trainingsarbeid kon worden omgezet in een goede prestatie in het Middenmeer. Al heel vroeg vertrokken mijn lief en ik per trein vanuit Gouda. Elfriede ging naar een schrijfcursus in Leusden (hmmm zou ik ook eens moeten doen) en ik toog driftig mediterend richting Amsterdam. De laagstaande zon scheen fel op mijn gevoelige oogjes, die ik alleen al om die reden stevig had toegedaan.

Juist toen ik wakker werd van mijn eigen gesnurk reed het boemeltje het hoofdstedelijke hoofdstation binnen. Wat een kalmte heerste er daar in vergelijking met vijf weken ervoor. Waar ter wereld ik ook kwam, nimmer trof ik zo een bende als in ’t oude Amsterdam, op de dag van Dam-tot-Dam. Toen was het er een enorme chaos, zoals U in mijn lyrische verslag over dat Amsterdamse/Zaandamse festijn had kunnen lezen. Hoe anders was het nu. Op mijn dooie akkertje slofte ik naar de Sterrendollars voor een Grande Caramel Machiato, maar de als vanouds gigantische queue bij de balie noopte mij om uit te wijken naar de naastgelegen Exki voor een doodeenvoudige Cappuccino en een flesje Zumo de Naranja voor later. Welgezeten aan het IJ bracht ik de koffie met opgeschuimde melk in en mijmerde ik over de beproeving die mij later op de ochtend te wachten stond.

Voldaan en weer een klein beetje wakker boemelde ik vervolgens naar het Amsterdam Science Park. Dit, beste lezers, is een technisch-wetenschappelijke hub van Europese allure. Het is het hoofdstedelijke Muppet Lab, where the future is made. Gedurende de tweede kilometer van de Middenmeerloop zouden wij dit fraaie bèta-complex passeren. Maar zover was het nog niet. Eerst moest ik mij vanaf het Science Park-stationnetje een weg banen langs Sportpark Middenmeer richting de atletiekgronden. Op de Radioweg passeerde ik de Jaap Edenbaan. Het was op het nog vroege uur al een drukte van belang op deze openlucht schaatsbaan. Héél lang geleden trok ik daar ook de nodige baantjes, maar daarvoor moeten wij terug naar de vroege jaren zeventig. Vader De Haan was een enthousiast schaatser, en in zijn geestdrift placht hij zoonlief mee te slepen naar menig ijspiste, of deze nou van natuurlijke of kunstmatige aard was. Met mijn schaatscarrière is het verder nooit wat geworden. Ik beheerste de techniek goed, maar ik kreeg steeds heel snel ondraaglijke pijn in mijn jeugdige hoefjes. Mijn zwakke enkelbandjes bleken niet tegen dat schaatsgeweld opgewassen. Gelukkig heeft dat euvel mij later in mijn hardloopbaan nimmer gehinderd.

Vervuld van nostalgia stiefelde ik door langs de sportvelden. Er waren opvallend veel vrouwen die ’s-morgens in de vroegte hun hondjes uitlieten. Zij begroetten mij allen zo uitbundig dat ik even dacht dat er in dit deel van Amsterdam helemaal geen mannen bestonden en dat ik daardoor in hun ogen mogelijk een bepaalde rol te vervullen zou hebben. Ik liet mij echter niet van de wijs brengen en versnelde mijn wandelpas als in een soort Benny Hill-sketch. Even later betrad ik de gewijde gronden van AV’23, de plek des oordeels vandaag op deze Dag des Heeren.

De zon scheen fel, maar het was bajeskoud ter plekke. Ik spoedde mij haastig het clubgebouw in, de steile trappen op naar de smaakvolle kantine met uitzicht op de baan. Daar ontving ik na enig aandringen mijn startnummer en schoenchip, die ik vervolgens vlijtig op mijn Goudse Runnersshirt resp. rechter Saucony monteerde. Het was inmiddels 10 uur geworden, tijd om vanuit de hoogte de start van de 5km-loop te aanschouwen. Slechts 48 atleten waren hiervoor uit hun warme nestje gekropen, wel even een bitter pilletje voor de organisatie. Later, bij de 10km, zou dat gelukkig wel anders zijn.

Lang kon ik niet in de warme kantine blijven. Ik moest mij vermannen en weer naar buiten gaan om tot aan de start één voor één - en heel gedoseerd over de tijd - alle lagen kleding af te pellen. Ik zag de lopers van de 5 kilometer stuk voor stuk het stadion binnenkomen en over de baan snellen richting finish. Toen ik even de kleedkamer wilde binnengaan voor het eerste Sicherheitsplasje kreeg ik nog een taakje van de dienstdoende toiletvrijwilligster. Of ik even een tas vol toiletrollen in het kleinste herenkamertje wilde plaatsen, was de vraag. Het zou zomaar nodig kunnen zijn, deelde zij mij mede. Uiteraard kon ik aan de smeekbede van deze vrouw geen weerstand bieden, en dus deed ik braaf wat mij was verzocht. Mijn goede daad voor vandaag was in de pocket!

Uitrustend van deze klus ontwaarde ik opeens Arranraja in de uitzinnige menigte rond de atletiekbaan. Hij had zijn tas met verschoning net afgeven in de daartoe bestemde tent op het middenterrein. Na onze uiteraard weer buitengewoon hartelijke begroeting besloot ook ik de laatste laagjes af te pellen en mijn tas tijdelijk te doneren aan de vrijwilligsters in de tassentent. Enthousiast keuvelend kachelden wij wat inlooprondjes weg op de baan en gaven wij onze Garmins de opdracht om een kunstmaan uit het zwerk te selecteren. Het was nog vijf minuten voor de start. Arranraja spoedde zich nog even naar de kruiskopdixi voor het laatste zenuwenplasje, maar toen ook dat leed geleden was konden we dan eindelijk van start voor onze 10km-challenge.

Het tevoren bekokstoofde strijdplan was als altijd doodeenvoudig. We zouden uitgaan van 10km/h, mogelijk iets sneller. Bovendien was de opdracht aan mij, als beste haas aan deze kant van de Sallandse Heuvelrug, om een negatieve split te realiseren. Dat was uiteraard niet aan dovehaasoren besteed. Op mijn gemakje ontwierp ik vlak voor de start de minutieus te volgen strategie om de komende 10 kilometer geheel op gevoel te gaan lopen. Dat klinkt paradoxaal, maar geloof me: het getuigt van ultiem vakhaasschap om het op deze wijze te doen.

Na ongeveer een driekwart ronde over de baan snelden wij de baan af en begaven wij ons via de Radioweg door het uitgestrekte sportpark. Daarbij passeerden wij onder andere de Piet Keizerbrug en de Dick van Dijkbrug, genoemd naar twee inmiddels overleden Ajaxhelden uit een ver verleden. Mijn Ajax-hart begon als een razende te kloppen. Piet Keizer was het immers, die met een onnavolgbare passeerbeweging de rechtsback van Panathinaikos dolde in de Europacup I finale op Wembley in 1971. Uit Keizer’s afgemeten voorzet zou Dick van Dijk met een achterwaartse kopbeweging de Atheense keeper verschalken. Met een prachtige zege van 2-0 zou Ajax uiteindelijk voor de eerste maal in het bestaan van de club de Beker met de Grote Oren in de hoogte mogen tillen. Dit kunststukje werd in de navolgende twee jaren herhaald.

Het oude Ajax-stadion De Meer lag op een steenworp afstand van de baan van AV’23. Tegenwoordig is het daar bebouwd en hebben de straten namen van roemruchte stadions. Bernabeuhof, Esplanade de Meer, maar de mooiste van allemaal: Anfield Road. Mijmerend over Ajax kwam het fabelachtige alternatieve clublied naar boven, gecomponeerd door niemand minder dan Kees Prins en vertolkt door volkszanger Melvin:

Dit is mijn club, mijn ideaal,
dit is de mooiste club van allemaal.
Hier ligt mijn hart, mijn vreugde, mijn verdriet,
het kan dooien, het kan vriezen,
we kunnen winnen of verliezen,
maar een beet're club dan deze is er niet.

Wat een tearjerker. Ik had gedurende de eerste kilometers eerder het idee dat het aan het vriezen was dan aan het dooien. De eerste kilometer was keurig afgelegd in 5:58, in de tweede kilometer langs het Science Park moesten wij – vanwege een onderonsje van Arranraja met ene Arthur – flink wat seconden op ons schema prijsgeven. Dat kon natuurlijk niet ongestraft blijven. Gebelgd riep ik mijn opdrachtgever tot de orde, en na een grimmige woordenwisseling vervolgden wij onze weg in het afgesproken tempo. Na een venijnige klim en een doortocht in een woonwagenpark bereikten wij de boorden van het Amsterdam-Rijnkanaal. Langs deze waterpartij zou een tweetal kilometers in rechte lijn worden afgelegd. Kanaal ter linkerzijde, Diemen ter rechterzijde. Het pad was redelijk bevolkt met fietsers en wandelaars, en aan het water zaten vele visenthousiastelingen naar hun dobbertjes te turen.

Het was door de bomenrijen aan beide kanten van het pad beschut, en dus takkenkoud. Vlak bij de roemruchte Nesciobrug gaf Arranraja aan dat hier zijn Gewijde Trainingsgronden liggen. Het equivalent van mijn Reeuwijkse Plassengebied dus. Vaak – zo vertelde hij mij - steekt hij hier het kanaal over om aan gene zijde de nodige kilometers weg te buffelen en dan weer terug te keren naar deze zijde. Of andersom. Een andere landmark is daarbij dan de Uyllanderbrug, waarover de Fortdiemerdamweg loopt. Deze brug was voor de arendsogen onder ons in de verte te zien.

Ver voor het bereiken van de Uyllanderbrug banjert het peloton rechtsaf de Diemerpolder in. Hier versmalde het pad zich, zodat de meute in één langgerekt lint haar weg moest vervolgen. Inmiddels waren er 5 kilometers verhapstukt (bron: Arranraja) zodat we nu konden beginnen onze negatieve split waar te maken. We zaten met een tussentijd van 29:28 keurig binnen de opdracht. Arranraja vertelde mij dat hier ergens de voormalige bondscoach (en gewezen Ajax-trainer!) Danny Blind woont, in vast een héél aardig optrekje. Dat mag ook wel voor een lid van de Raad van Commissarissen van Ajax, vindt U ook niet? Het is je van harte gegund Danny!

Na 5.5 kilometer was aan de linkerzijde de eerste en enige drankpost van deze loop. Dankbaar pakte ik een bekertje water en leste mijn grote dorst. Arranraja lurkte intussen gulzig aan een meegebracht flesje met een voor mij onbekende vloeistof, waarschijnlijk zijn doping. Mijn lege bekertje kon ik even later afgeven aan een jongen die daar door de dienstdoende vrijwilligster was geposteerd. Hulde voor dit mooie stukje duurzaam optreden van organisatiewege. En van de jongen zelf ook, vanzelfsprekend. Het past eigenlijk ook wel bij dit soort kleinschalige volksfeestjes.

Nu werd het weer een beetje lastig. Er stond een langgerekte klim op het programma over de Diemerpolderweg naar de brug over de Diem. Het was zaak om de pas kort te houden en de frequentie hoog. Technisch lopen op zo’n lang vals plat, en dus niet op kracht, is geboden. Keurig volgens schema werd die col bedwongen. Ik was zeer tevreden over mijn opdrachtgever, die vastberaden en zelfverzekerd in mijn kielzog liep, en die regelmatig even langszij kwam om als een volleerde gids wat belangwekkende zaken te vertellen over de omgeving waarin wij liepen.

Na een korte afdaling werden wij verwelkomd door een overenthousiaste jonge vrijwilligster die ons toevoegde dat ze “in ons geloofde”. Gelukkig, er was dus nog IEMAND die dat deed! Ik voelde mij gevleid door deze confessie op deze Dag des Heeren. Grijnzend draaiden mijn kompaan en ik de Overdiemerweg langs het water en het Penbos op. Hier schroefde ik het tempo even fors op tot bijna 5.10 per km om mijn opdrachtgever en mijzelf te testen. Die test slaagde. De uitkomst was echter minder bemoedigend: het leek er niet op alsof Arranraja dat tempo ging volhouden. Maar dat gold tegelijkertijd ook voor mijzelf. Beiden hadden we het gevoel alsof de energie langzaam aan het weglopen was. Ikzelf had de nodige last van mijn ademhaling, onder andere het gevolg van de belachelijke temperatuurverschillen tussen Eindhoven en Middenmeer. Ik voelde mijn longen protesteren, alsof ze tegen mij wilden zeggen: wat flik je ons dáár nou weer? Goed raad is duur zullen we maar zeggen. Ik vertraagde weer en ging nu andermaal volgens schema lopen. Maar door die buitengewoon rappe kilometer was de negatieve split nu al zo goed als binnengesleept, zo stelde ik vast met een tevreden grimas. Voor Arranraja was dit ook bijzonder goed nieuws.

Alle reden voor een vrolijk intermezzo dus. Na iets meer dan 7 kilometer stond daar ineens de oudste dochter van Arranraja aan de kant van de weg om foto’s van ons te maken. Breeduit glimlachend toonden wij ons op ons paasbest. Maar kennelijk waren de afdrukjes niet gelukt of zo, want even later vervoegde ze zich al rennend wederom bij ons met het verzoek of ze nog wat plaatjes kon schieten. Trouwens, lekker goed voor de moraal als een dame je op haar Ugg-jes voorbij komt snellen. Maar uiteraard voldeden wij met plezier aan haar verzoek. Ik draaide mij in de loop nog even helemaal om teneinde mijn fotogeniciteit optimaal te doen benutten. Dit met behoud van snelheid nota bene.

Even later moesten wij abrupt in de remmen. Tram 19 kwam er aan, en het zag er niet naar uit alsof dit vehikel ons dappere atleten voor zou laten gaan. Schuimbekkend en tot grote razernij gedreven zag ik de trambestuurder sarcastisch naar ons zwaaien. Hij moest eens weten wat je twee topatleten in volle inspanning aandoet door zo op je strepen te gaan staan en met je pokkentram hen de pas af te snijden. Het Gemeentelijk Vervoersbedrijf kan op een boze brief van mij rekenen. Just kidding. Ik heb het inmiddels al een plekje gegeven.

Inmiddels was de tank aardig leeg aan het raken. Maar het ergste moest nog komen. De gebeurtenissen die zich in de laatste 2 kilometer afspeelden kunnen gerust worden aangeduid met “Het Drama van Diemen”. Wat was er aan de hand? De organisatie had weer eens het parcours verlegd (doen ze elk jaar) en bovendien had men een blik studenten opengetrokken bij gebrek aan eigen verkeersvrijwilligers. Een fatale combinatie, zo bleek. Na precies 8 kilometer werd het peloton al de verkeerde kant opgestuurd – en toen was het hek van de dam. Op hoeveel verschillende manieren de hardlopers de doortocht door Diemen hebben gemaakt: niemand zal ooit bij benadering het antwoord kunnen geven. Arranraja en ik liepen op een drukke weg (voor de liefhebbers: Beatrixlaan/Wilhelminaplantsoen/Oranjeplantsoen) waar het gemotoriseerd verkeer vrij spel had. Halsbrekende capriolen moesten wij uithalen om niet van onze hardloopsokken gereden te worden.

Uiteindelijk kwam alles weer samen op de Radioweg richting het atletiekstadion van AV’23. Maar velen hadden 400 meter teveel gelopen, en anderen weer 200 meter te weinig. Verdwaasd en aangeslagen door zoveel onrecht en onpeilbaar leed sjokte het peloton moedeloos richting de verlossende eindstreep. Arranraja had in een moment van onachtzaamheid een gaatje laten vallen met zijn privé-haas en was verwoed bezig dit dicht te lopen. Maar in de laatste 100 meter, net voor hij kon aansluiten, versnelde ik nog even voor een kleine laffe sprint. En zo kon het zijn dat ik met een netto tijd van 56.25 over de finishmatten stampte, op 6 seconden gevolgd door mijn grote hardloop- en blogvriend. Opdracht uitgevoerd, en zelfs beter dan dat: de 60-minuten barrière was met maar liefst 3.5 minuten geslecht!

Tevreden maar voldaan namen wij een werkelijk prachtige medaille in ontvangst en liepen wij een volle ronde uit op de baan. Even supporterden wij nog wat dappere hardloopkrijgers in hun laatste loopstuiptrekkingen tot de verlossende finish. Maar niet voor lang. Omdat het nu wel rap ijskoud begon aan te voelen begaven wij ons op een drafje richting kleedkamer om de eerder afgepelde lagen weer fluks aan te brengen. De Middenmeerloop, officieel genaamd: ‘Daarom Diemen Middenmeerloop’, zat erop! Ik zou eerder zeggen: Drama Diemen Nooitmeerloop, maar dat terzijde.

Het was desondanks heel mooi geweest, daar in de Watergraafsmeer en Diemen. Het werd zoetjesaan tijd om de poorten van het atletiekstadion achter ons dicht te trekken. Geanimeerd keuvelend over Loenatik én onze gezamenlijke hobbies wandelden wij naar station Diemen, waar Arranraja als tevreden opdrachtgever de envelop met het afgesproken bedrag in mijn graaiende handen stopte en mij vervolgens op de trein zette. Terug naar Amsterdam Centraal en dan weer terug naar Gouda, terug naar mijn lief die als inmiddels volleerd schrijfster mij nou eindelijk eens kan vertellen hoe je dat doet, dat schrijven.