Mijn 15 van Amsterdam-Noord

Gepost door Arranraja op vrijdag 21 september 2018 19:02

Bekijk vooral ook de zonnige foto's op https://arranraja.wordpress.com/

In de week voorafgaand aan de Vechtloop eind juni, had ik wat last gekregen van het gebied rond mijn rechter-achillespees. Toen ik zo onverstandig was om drie dagen na de Vechtloop weer de renschoenen onder te binden voor een duurloop, schoot het er echt in en moest ik na nauwelijks 4 km stoppen. Dat werd dus een paar loopjes overslaan en ook de hitte van de afgelopen zomer zorgde voor een stagnatie in mijn trainingen. Ruim twee weken later voelde het weer niet helemaal lekker na bijna 9 km gelopen te hebben. Pas begin augustus, op vakantie in Duitsland, kon ik mijn gewone renritme weer opstarten en langzaam het aantal kilometers uitbouwen. Aan het einde van die maand durfde ik de Gooise Heideloop niet aan vanwege de oneffenheden in het terrein. Niet dat ik bang was om wederom te vallen, zoals vorig jaar, maar wel dat de net genezen blessure zou terugkeren. Ik wilde echter toch graag vóór de Dam tot Damloop op 23 september een trimloop doen als training. Ik dacht dat ik alle georganiseerde lopen in de omgeving wel had ontdekt, maar bij de Gaasperplasrun zag ik een pamflet liggen van de '30 van Amsterdam-Noord'. Na de bestudering van het parcours (vooral door het landelijke gebied net ten noorden van de Ring rond de hoofdstad) leek het mij wel wat om deze trimloop aan mijn repertoire toe te voegen. Zeker nadat ik mij ervan had vergewist dat ik aldaar voldoende parkeermogelijkheden had. Want ik houd er niet van om direct vooraf aan een loop nog te moeten gaan zoeken naar een plek voor mijn voiture. Ik kom nu eenmaal het liefst in een gespreid bedje wat het aanreizen betreft.

Die reis ging dus gewoon goed en op gevoel liep ik de juiste weg naar de atletiekbaan van de organiserende vereniging AV Atos. In de ernaast gelegen sporthal had ik fluks mijn startnummer te pakken, ik werkte een banaan naar binnen en dronk een pakje melk leeg. Daarna maakte ik wat ruimte in mijn waterhuishouding door een bezoek aan een klaarstaande krul en ging op de baan warmlopen en wat oefeningen doen. Ergens midden in het pak vertrok ik, zoals altijd eigenlijk iets te rap. Korte tijd liep ik achter Cor en een metgezel. De eerstgenoemde kom ik geregeld tegen bij loopjes in de regio en hij heeft ongeveer het tempo dat ik, in ieder geval in het verleden, ook haalde. De twee mannen gingen op dat moment exact 10 per uur maar ik had al snel het gevoel dat ik moest inhouden. Dus glipte ik er langs en ging iets vóór hen verder. Wel hoorde ik ze de hele tijd juist achter mij samen praten. Ik zat mooi net boven de 10 per uur en besloot te kijken hoe lang ik in die snelheid kon volharden. Wat minder enthousiasme bij mij losmaakte, was het klinkerwegdek aan de buitenkant van de bomenring rond de AV Atosbaan. Daar moesten we ook nog eens een extra ronde over maken alvorens we richting het noorden konden gaan. Vrij aan het begin van dat stuk, zag ik iets verderop een leuke jongedame met een lange staart. Ik had het idee dat ik haar wel kon bijhouden. Dat lukte slechts zeer korte tijd en ook Cor en zijn kompaan kwamen spoedig over mij heen. Het was intussen, door de doorgekomen zon en de niet-lage luchtvochtigheid aan de warme kant geworden. De verfrissende wind die af en toe om mij heen blies, was dan ook meer dan welkom. Ik had wel wat blikken op de routekaart geworpen maar aangezien ik in die contreien nog nooit eerder was geweest, laat staan had gelopen, was het allemaal nieuw voor mij. Daarom volgde ik gedwee de mederenners en -rensters die mij voorafgingen of voorbijliepen.

Na 3 km waren we onder de ringweg door gegaan en kwamen we in het open terrein terecht. Om te beginnen langs de plaatselijke golfbaan, waar reeds aardig wat volk op de been was. Ook werd er om ons heen frequent gewandeld en gefietst. Niet verwonderlijk op zo'n mooie zonnige zondag. Wat ik wel jammer vond, was het feit dat de route tot 7 km evenwijdig aan- en niet ver verwijderd van de snelweg voortging. Met derhalve voortdurend het geluid van het verkeer aldaar op de achtergrond. Exact op het 7 km-punt sloegen we linksaf het polderland in. De naam van het dorp dat ik wat verderop aan de einder zag liggen en waarvan vooral de kerktoren opviel, bleek Ransdorp te zijn. Op de kaart te zien, net zo'n metropool als Zunderdorp, waar wij doorheen zouden komen. Intussen had ik al een tijd twee lopers direct achter mij. Een vrouw en een man liepen lekker keuvelend bijna op mijn hielen en gebruikten mij als haas. Misbruikten mij, was een beetje mijn gevoel. Niet vreemd derhalve dat ik dat als minder prettig ervoer. Zij moeten zo ongeveer bij Golfbaan Waterland zijn aangesloten, na 4,5 of 5 km. Ik hoorde de man op een gegeven moment zeggen dat, als hij het wat moeilijk had tijdens het rennen, versnellen voor hem een beter medicijn was dan gas terugnemen. Daar zit eigenlijk wel wat in maar dat moet je ook maar net kunnen op zo'n moment. Bij het scherp afslaan na exact 7 km, stond een klein meisje op een houten muurtje aan te moedigen. Die verdiende naar mijn stellige overtuiging een hoge vijf en die diende ik haar in het voorbijgaan dan ook toe. 'Klats', hoorde ik de meeliftende dame achter mij zeggen. Nu ging de route dus eindelijk echt het open land in, op weg naar Zunderdorp dat al een tijd ter linkerzijde vrij dichtbij te zien was. In de weides stonden en lagen wat koeien en op het fietspad dat wij gebruikten werd enthousiast gefietst. Ik herinner mij een oudere man op een elektrische fiets die maar even stopte omdat er wel wat veel renners hem tegemoet kwamen.

Aan het einde van dit fietspad ging het nogmaals linksaf en direct na de bocht stond de drinkpost. Ik had mijn eigen watervoorraad en hoefde derhalve niet te stoppen voor een beker koel nat. De twee achter mij leken dat wel te doen. Onbewust hield ik een beetje in, alsof ik op ze wilde wachten. Ik zag dat ook aan de snelheidsaanduiding op mijn horloge en bedacht toen pas dat dit dé gelegenheid was om ze af te schudden. Direct zette ik zo goed mogelijk aan teneinde een substantieel gat te slaan. Had ik al die tijd zonder veel moeite op of net boven de 10 per uur gelopen, nu kwam bij mij ineens de klad erin. Precies bij het binnengaan van Zunderdorp lag het punt van de 9 km en deze kilometer zat ik al iets onder de 10 per uur. Of het door deze plaats kwam of door het feit dat ik tot dan toe boven mijn stand gelopen had, weet ik niet. Feit is wel dat ik in het derde deel van deze loop, zijnde de laatste 5 km, heel langzaam maar zeker leegliep. Als een fietsband waarin een minuscuul gaatje is geprikt dat zorgt voor een telkens een beetje spanningsverlies. Was het de verbazing over het doorkruisen van de metropool Zunderdorp (grapje, want ongeveer 5 straten, enkele tientallen huizen, een paar andere gebouwen en 463 inwoners!) of had ik al die tijd boven mijn stand gelopen? Om in de vervoersmiddelenterminologie te blijven: de brandstoftank begon zoetjes-aan leeg te raken.

In de buurtschap 't Nopeind kwamen er lopers van de 21 en 30 km zich bij ons voegen. De meesten liepen mij voorbij. Ik troostte mij met de gedachte dat dit allemaal de snellere lopers waren. Tussen km's 10 en 11 kwam er ook een vrouw langs die ik toch echt herkende van een eerdere opraapactie mijnerzijds. Ik poogde bij haar aan te haken maar dat lukte van geen kanten. Langs een paar boerderijen, waaronder een zorgboerderij, hobbelde ik terug richting de golfbaan en naar het deel van het traject waar ik de eerste 5 km ook op had voortbewogen. Mijn snelheid liep steeds meer achteruit en de kilometertijden derhalve steeds meer op. 6:01 minuten over de 9e en vervolgens 6:16, 6:18, 6:25 en 6:31 over de volgende 4 km. Aangezien ik deze loop als een training voor de Dam tot Damloop beschouwde, maakte ik mij daar niet zo heel erg druk over. Mijn doel was slechts om het parcours van 15 km zonder wandelen af te leggen. Was het psychologisch gezien prettig dat er steeds lopers langs mij snelden? Nee, uiteraard niet, andersom is veel prettiger! Helaas ik kon bij geen enkele mededeelnemer aanhaken. Alleen de dame die ik op het lange stuk naast een vaart in het gedeelte binnen de ring helemaal aan de rechterkant van de weg langzaam zag voortgaan, gaf mij een mentale oppepper. Eerst dacht ik namelijk dat zij gewoon lekker voor zichzelf aan het joggen was maar toen ik haar voorbijging zag ik een startnummer aan de voorzijde. Had ik op dat stuk waar maar geen einde aan leek te komen, toch nog één deelnemer weten op te rapen!!

Zoals eerder vermeld had ik de routekaart wel globaal bestudeerd maar uiteraard niet alle details helder in het hoofd. Tijdens die zware laatste kilometers was ik mij aan het afvragen of we linksom of rechtsom de atletiekbaan en de eindstreep zouden bereiken. De laatste mogelijkheid had mijn voorkeur omdat die korter was en in tegenstelling tot de tweede optie vrijwel geen klinkerbestrating meer had. Het werd uiteraard linksom! Dus weer enkele honderden meters over die vermaledijde kasseien. Op dat stuk kwam een dame langs, die zo te zien niet meer echt soepel vooruit kwam. Ook nu wilde ik aanhaken om met haar de finish te bereiken maar wederom had ik slechts het nakijken. Wel aanvaardde ik dat gegeven direct. Met eenvoudigweg stug doorzetten kwam ik toch spoedig op de baan en over de meet. Net daarvoor had ik, bij een blik op mijn horloge, verbaasd geconstateerd dat ik binnen de 1:30 uur kon eindigen. En dat lukte mij makkelijk: 1:29:37 was mijn officiële eindtijd, met zowaar een snelheid van 9,82 per uur over de slotkilometer. Ik had mijn doel bereikt, kreeg luttele meters na de eindstreep een leuke medaille overhandigd en kon gaan bijkomen van de inspanningen. Van Cor was, zoals ook tijdens het leeuwendeel van de loop, geen spoor meer te bekennen. Noch van andere lopers die ik onderweg bewust had waargenomen. De zon scheen volop en de atletiekbaan van AV Atos lag er prachtig bij in die groene oase in Amsterdam-Noord. Ik had daar op dat moment geen oog voor, want ik was moe. Later bedacht ik pas in het pamflet over de loop gelezen te hebben dat de club over een jaar moet verhuizen omdat de gemeente Amsterdam op die plek woningen wil gaan bouwen. Wat mij betreft doodzonde van deze prachtige locatie tussen het groen en om die reden hoogst waarschijnlijk de eerste en de laatste keer dat ik er als hardloper heb kunnen vertoeven.

Gewoontegetrouw wandelde ik wat uit naar het stille deel van de baan in de andere bocht. Daar kon ik de verleiding niet weerstaan om even te gaan zitten, toen een geschikte plek daarvoor zich aandiende in de vorm van een hindernisbalk bij een droogstaande waterbak. De kwalificatie 'nooit' is misschien bezijden de waarheid, maar ik kan mij niet herinneren vaak te zijn neergeploft direct na een ren. Na een paar minuten stond ik weer op om mijn uitwandelrondje, over de piste in de richting van de finish te vervolgen. Ik zag een renster met 'Running Junkies' op haar shirt en moest direct denken aan collegablogger Mari Durieux, die geregeld melding maakt van het feit dat hij ook lid is van die bonte verzameling fanatieke renners. Ik bedacht dat het leuk zou zijn als ik hem hier nu tegen het lijf zou lopen. Zoals vaker werden er door de omroeper van dienst namen van binnenkomende renners genoemd en luttele tellen na mijn gedachtestroom over Mari, die er dus niet was, hoorde ik ineens de naam Hedwig noemen. Wie schetst mijn verbazing dat die andere collegablogger tussen twee mannelijke lopers in, de meet naderde. Precies een jaar geleden had ik vlak achter haar gestaan bij de start van de Gooise Heideloop maar haar niet aangesproken omdat ik ging twijfelen of zij het echt wel was (ik kende haar tenslotte alleen digitaal). Nu was die twijfel er duidelijk niet en ik liep zo rap als mogelijk door naar het stuk achter de eindstreep. Zodra het kon ging ik naast haar lopen en sprak haar aan. Een kort gesprek volgde, waarbij Hedwig, nog buiten adem, vertelde dat zij onlangs gevallen was, waardoor haar bekken scheef was komen te staan. Zij had daardoor de 30 km die zij zojuist voltooid had, niet kunnen lopen zoals zij wilde. Een kleine maand later zou zij in Chicago aan de start staan voor haar volgende internationale marathon. Ik wenste haar heel veel succes bij het herstel en ging verder mijns weegs. Nog een paar rondjes wandelen over de baan, tas ophalen, omkleden en huiswaarts keren, waren de volgende items op mijn programma. Ik zag Hedwig nog een paar keer op het kunststof en in de sporthal, maar wilde haar niet verder lastigvallen, ook omdat zij zich in het gezelschap van anderen bevond.

In Sporthal Elzenhagen, waar ik vroeger ooit eens een keer een basketbalwedstrijd gespeeld moet hebben, wachtten mij twee verrassingen. Een onverwachte en een onaangename! Ineens voelde ik mijn horloge trillen en zag ik op het scherm een mededeling over in een 'spaarstand gaan'. Ik was bij het passeren van de meet nog wel zo alert geweest om mijn tijdmeting te stoppen maar had er vervolgens in het geheel niet meer aan gedacht die registratie op te slaan en mijn Garmin in zijn gewone modus terug te zetten. Dat deed ik alsnog. Nu viel mij ook pas op dat er 14,82 afgelegde kilometers op het scherm stonden. En ik meende toch ergens gelezen te hebben dat het bij deze loop om door de atletiekbond gecertificeerde parcoursen ging. 's-Avonds kwam het verlossende woord over deze kwestie in de vorm van een mail van de organisatie. Door een onvolkomenheid had men ons verkeerd laten starten: in plaats van een volledige ronde over de baan met de klok mee, gingen we net als de twee langere afstanden tegen de klok in na driekwart ronde van de baan af en de weg op. Die 220 meters die ik tekort had gelopen zorgden er wel voor dat ik binnen de 1:30 uur kon finishen. Ieder nadeel heb zijn voordeel!

De onaangename verrassing betrof de beschikbaarheid van kleedruimte. In een mail stond te lezen dat de kleedkamers in het clubhuis van AV Atos voor de dames gereserveerd waren en die in de sporthal voor de heren. De dameskleedruimte waar ik langsliep in dat laatste bouwwerk werd echter gewoon bevolkt door vrouwen en er bleek slechts één klein kleedhok voor de heren open te zijn. Daar was het niet alleen propvol met dampende renners maar er werd ook nog eens flink gedoucht. Gevolg: huizenhoge temperaturen en een luchtvochtigheidsgraad die door het dak heen schoot. Nauwelijks had ik daar een voet binnen gezet, of ik begon, vooral op mijn voorhoofd, hevig te zweten. En die bijtende substantie stroomde tijdens het omkleden mijn arme ogen in. De piepkleine handdoek die ik bij mij had, kon de veelvuldige lapwerkzaamheden nauwelijks aan. Ik vertelde de man naast mij dat het, gezien het overmatige vochtafscheiden, geen enkele zin had om nu te douchen. Hetgeen ik overigens ook niet van plan was geweest. Ik wist niet hoe snel ik daar weg moest komen en de relatief koele buitenlucht opzoeken. Op weg naar auto, huis, koffie en eigen, ruime relatief koele badkamer.


Looptijden.nl op Facebook