Bergrace by night

Gepost door Jan Fokke Oosterhof alias Fast Fokkie op woensdag 28 april 2010 09:47

Met de koplamp tegen een verlichte berg op

Twee keer per jaar moet ik eraan geloven, de Bergrace by night. Met pendelbussen worden lopers van Ouwehands Dierenpark afgevoerd naar de Markt in Wageningen om vandaar terug te rennen in het donker en te finishen op de Grebbeberg. Zelfstandige vrijgevochten dames grijpen hun kans om zonder angst in het donker rond te rennen door wilde weilanden en donkere wouden, omringd door sterke mannelijke lopers. Dat zie je dan ook terug in de deelnemersaantallen; meer dan 50% van de deelnemers is dame en ook het prijzengeld is gelijk gesteld aan dat van de heren.

Ook ik reis met mijn dame voor de tweede maal af naar de dierentuin. Met de pendelbussen worden we vervolgens in tien minuten afgevoerd richting de start. In Wageningen een nerveus gehuppel tot aan de horizon. Een gezamenlijk warming up is net gaande voor de 7,6 km. Wij lopen de 9,6 km en zullen pas een uur later starten, om elf uur.
Niet alleen bij de warming up is sprake van nerveus gehuppel, ook in de talloze cafe’s en bars rondom de markt een explosie van energie. Tussen de stamgasten, zitten, staan, hangen en rekken tientallen bontgekleurde lopers in hun felle trainingspakken. Wij zijgen neer in een van de cafés en bestellen een portie gefrituurde gambas en twee cassis – dit is vast en zeker dé formule om een snelle tijd neer te zetten. Om ons heen een ploeg van oranjegekleurde dames die lopen voor een gerenommeerd consultancybureau. Dat gerenommeerde laat zich overigens niet terugzien in het aantal drankjes dat ze bestellen (nul) of de vriendelijke verzoeken of ze hier a. mogen staan en b. het toilet mogen gebruiken.

Als deze avond zich al ergens voor leent dan is het wel het aanschouwen van hardlopers die te pas en te onpas het toilet gebruiken.
De eerste categorie – en tevens de kleinste – vraagt allervriendelijkst ‘of ze even het toilet mogen gebruiken (klinkt proper, het resultaat is dat nog steeds niet)’, hetgeen uiteraard vanavond geen enkel bezwaar is.
Dan is er de categorie – en die is vanuit een columnistenstandpunt vele malen interessanter en groter – die géén toestemming vraagt. Deze categorie laat zich weer opsplitsen in een aantal groepen.
In de eerste plaats zijn er de ‘botterikken’. Ze walsen binnen, rechtstreeks het toilet in en zonder blikken of blozen weer naar buiten. Is tevens de categorie die sprinkelt en niet doorspoelt.
Dan zijn er de ‘angsthazen’. Lopen vertwijfeld binnen en kijken angstig vanuit ooghoeken of ze niet worden opgemerkt, om - in het geval ze dus wel worden opgemerkt – een vertwijfeld lachje te tonen, gepaard met een kort knikje. Dan versnellen ze hun pas omdat ze toch eigenlijk niet gezien willen worden.
De ‘onbewusten’. Deze mensen hebben niet eens door dat je toestemming zou kunnen vragen. Dwalen schijnbaar doelloos richting toilet. Alles gaat aan hen voorbij. Gebruiken rustig een tafeltje om rekoefeningen tegenaan te gaan doen. Vaak in het wild terug te zien als diegenen die oversteken zonder te kijken.
De ‘dommen’. Pretenderen niets door te hebben en spelen de domme toerist in het buitenland die je alles moet uitleggen. Vervolgens roepen ze ‘Oh joh, natuurlijk wil ik 50 cent betalen!’, alsof ze het zouden willen ontduiken. Dat je het maar durft te denken. Dit zijn de mensen die ’s ochtends in de trein de stoel naast zich volplempen met tas en jas en dan roepen ‘Oh tuurlijk mag je hier zitten!’, dat je er zelfs maar aan durfde te twijfelen.

We eten onze gambas en kijken de ogen uit. Als je 9,6 kilometer gaat lopen bij een graadje of zeven, in het donker, dus zonder felle zon, waarom dan een heupgordel met maar liefst zes flesjes drinken? Ga je er zes uur over doen? Ben je bang te verdwalen? Het is toch geen woestijnmarathon?
Sommigen rekken alsof ze hun been wensen af te scheuren net onder de knie. Ze duwen zo hard dat ik vrees dat ze de muur van de kroeg eruit gaan duwen. De essentie van rekken is toch echt dat je spanning op je spieren zet en niet op het gebouw. Voetballers rekken zo langs het veld, niet hardlopers! Rekkende voetballers zijn de doorn in het oog van elke hardlooptrainer. Dat heet ver-rekken en dat is iets anders.
Wat tenslotte opvalt zijn de modieuze tenuetjes. Dames in de meest felgekleurde outfits met iPods, Polars, petjes, buidels, haarbanden, zweetbandjes, handschoentjes, buffs etc. Allemaal hip, trendy en ‘matching’ uiteraard, maar gezien het lichaam dat er soms onder schuilgaat, nog niet in staat om een deuk in een pakje boter te lopen. Als je ten onder gaat dan in ieder geval goed gekleed, moet de gedachte zijn. Het zijn zeg maar de oudere kerels die de duurste racefietsen hebben, want het mag immers niet aan et materiaal liggen. Voor de goede orde: ik veroordeel niet, ik constateer en observeer enkel, zoals iedere zichzelf respecterende columnist.
Ik constateer eveneens dat een aantal dames loopt om iets aan de lijn te doen. Ik constateer ook meteen dat ze het dan dus compleet verkeerd aanpakken. Een uur lang met volle bak een 9,6 kilometer lopen, met volle kracht vooruit, hartslag 190, volgestouwd met suikers, levert géén enkel resultaat op. Dan kun je nog beter een paar stokken – sorry poles – kopen en gaan Nordic Walken. Wat zou kunnen werken is een paar uur lichtjes joggen op een nuchtere maag met hartslag 125-130. Dat heet vet verbranden en levert wel resultaat. Er is één probleem; in een maatschappij die uit z’n voegen barst van haast, multitasken, consumptie en prestatie, past niet het beeld van enkele uren rustig joggen en genieten van de natuur. Kinderen moeten immers worden opgehaald, eten gekookt, gewerkt, boodschappen, hobby’s etc. en daarin past 9,6 kilometer knallen op de vrijdagavond. Dit hebt u niet gelezen, want ik haal nu in één adem een hele branche van sportscholen en Sonja Bakkers onderuit, maar toch; rustig joggen is het devies.

Ongeveer tien minuten voor de start laden we onze tassen in de vrachtwagen en prepareren ons. Van een expeditiesponsor heb ik twee prachtige Black Diamond-headlights gekregen, al zou de term koplampen deze lichtjes beter in het zonnetje zetten. Beide kunnen we een lightbeam van 100 meter genereren en daarmee enerzijds het pad verlichten en anderzijds de concurrentie verblinden, hetgeen meteen verklaart waarom we vandaag beide zo hoog in de klassering eindigen.

Het eerste deel van de loop gaat over een donkere dijk. Vrouwlief start achteraan in het veld, maar baant zich al gauw een pad over de dijk met andere dames in haar kielzog. Zij schenkt de dames licht en ze zien op hun beurt dat het goed is. Ik daarentegen krijg vriendelijke, doch dringende verzoeken mijn lamp te dimmen. Als andere kerels eenmaal geproefd hebben van ‘mijn licht’, kost het ze de rest van de wedstrijd om weer aan de duisternis te wennen. Mijn licht is zo sterk dat lopers verschrikt aan de zijkant van de dijk gaan rennen in de veronderstelling dat er een auto met groot licht achterop komt. Ik heb ruim baan. Aldus dim ik de lamp, om hem niet veel later in volle glorie te herstellen als we over een oneffen boerenpad moeten. Dankbaar volgen de mannen mij nu weer en zien dat het (toch wel) goed is. Ik maak een opmars door het deelnemersveld in de rug van een prachtige atleet. Hij is net zo kaal – en daarmee glimmend in mijn straal – als ik, heeft een krachtige tred, een mooie rechte rug en hij versnelt naarmate de wedstrijd vordert. Een genot om te volgen. Samen halen we lopers in; hij baant de weg, ik licht bij, tot we aan de voet van de Grebbeberg belanden.

Het is deze ‘berg’ die ten grondslag ligt aan de naam van de wedstrijd. Voor diegene die het Engels niet machtig is, de naam van deze wedstrijd is de ‘berg-wedstrijd-bij-nacht’. Geen bijster creatieve naam, maar wel een rake. Het is de berg die twee avonden per jaar aan werkverschaffing doet. Aan weerszijden van de kilometerlange klim staan 500 kaarsjes waardoor je het pad oneindig tussen de bomen omhoog ziet kringelen. (Wan)hoopgevend. Het maakt deze loop tot iets bijzonders, vooral voor diegenen die dagen in de weer moeten zijn geweest met hun aanstekers.

Om de kaarsontstekers recht te doen, doof ik mijn lamp en zwik gelijk met mijn enkel over een boomwortel. The joys of running by night. Edoch, bij mij geldt: wat reeds loszit, kan niet stuk. Geen kruisbanden op links en mijn enkelbanden zijn aan beide zijden zover opgerekt dat ik nog zou kunnen rondrennen op de bovenzijden van mijn voeten (don’t try this at home!). Met een rode, kloppende kop bereiken we na een kilometer klimmen als 15e overall en 4e in de categorie de finish. Ik ben sinds een maand master en dat geeft weer nieuwe kansen; ik loop tegen de oude mannen. Vrouwlief stijgt net als vele andere dames vanavond boven zichzelf uit en wordt 9e overall bij de dames en 2e in haar categorie. Theoretisch heeft ze nu twee keer een tientje gewonnen, maar prijzen worden niet aan je uitgereikt als je niet bent vooringeschreven. Zo gaan de dingen tegenwoordig omdat lopen groter worden. Getooid met de prachtigste medailles keren we huiswaarts en om half twee voelt het bed heerlijk aan. In mijn slaap ren ik vast nog vele malen die verlichte berg op.

To be continued…


Looptijden.nl op Facebook